JOS ABEN, DIRECTEUR ZORGBEDRIJF OUDERENZORG GENK, IS HET NIET EENS MET DE KRITIEK OP WOONZORGCENTRA EN TOONT AAN DAT HET OOK ANDERS KAN

“Hemelse dagen in een woonzorgcentrum? Ja, dat kan."

26 augustus 2020

Als je de verhalen leest van bewoners die dagen, weken, maanden, niet van hun kamer mogen dan is dat terecht. Als je slechts één of twee keer per week een uurtje bezoek mag krijgen, dan is kritiek terecht. Het woonzorgcentrum lijkt dan eerder een gesloten instelling dan een nieuwe thuis voor de bewoners.

Als de moed, de inventiviteit, de betrokkenheid, de creativiteit, de luisterbereidheid en het vertrouwen er zijn dan is er echter veel meer mogelijk om het leven in deze coronaperiode alsnog fijn te maken en leuke belevingsmomenten te creëren.

 

Jos Aben, directeur Zorgbedrijf Ouderenzorg Genk

Ik weet wel dat vele maatregelen met goede bedoelingen worden genomen om de bewoners te beschermen tegen het Covid-19-virus. Hierbij wordt steeds vertrokken van wat er mis kan gaan en proberen directies en besturen alle wegen af te sluiten langs waar ook maar enige besmetting kan optreden want… onze bewoners zijn zo fragiel.

Deze redenering houdt echter geen rekening met enig risicobesef van bewoners en familieleden. Akkoord dat bewoners met cognitieve problemen de draagkracht van de gevaren van het virus niet begrijpen, maar kunnen we dit dan ook zo maar stellen voor naaste familieleden en vrienden? Er bestaat nog zoiets als goede afspraken maken en de verwachting koesteren dat die worden nageleefd. Bewoners en familie aanspreken op de afspraken, maar ook rekenen op sociale controle en elkaar responsabiliseren. Als we hiervoor open staan, dan kan veel, ook in een woonzorgcentrum.

“Sinds de opheffing van de lockdown laten we dagelijks bezoek toe in onze woonzorgcentra. Bewoners mogen elke dag tot twee bezoekers ontvangen. Wel hebben we hen gevraagd om net zoals in de brede samenleving een bubbel van vijf mogelijke bezoekers samen te stellen.”

Na de wekenlange lockdown van de woonzorgcentra is het psychosociale welzijn van de bewoners erg aangetast. Het lichtpunt dat ze kregen bij de opheffing van de lockdown was snel weer weg toen het bezoek terug werd ingekrompen bij de opmars van de tweede golf. De soms erg drastische veiligheidsmaatregelen brengen erg strikte bezoekregelingen met zich mee en creëren een ernstig risico naar aantasting van het psychosociaal welzijn waarbij bewoners apathisch worden voor wat er nog rond hen gebeurt. Medewerkers van woonzorgcentra kunnen dit niet alleen opvangen. Hun eigen draagkracht is al erg op de proef gesteld tijdens de eerste coronagolf. Vandaar dat bezoek én de inzet van vrijwilligers in deze periode zo belangrijk zijn.

Binnen de woonzorgcentra Toermalien en Mandana laten we sedert de opheffing van de lockdown dagelijks bezoek toe. Bewoners mogen elke dag tot twee bezoekers ontvangen tussen 11u en 16u30. Wel hebben we hen gevraagd om net zoals in de brede samenleving een bubbel van vijf mogelijke bezoekers samen te stellen. Dagelijks kunnen bewoners wandelen met hun bezoekers of maken ze kleine uitstapjes. In samenspraak vindt soms een familiebezoekje plaats.

Bewoners leven samen in een woongroep van 15 of 8 bewoners die we als hun bubbel beschouwen.
Ook tijdens de lockdown leefden ze op deze wijze samen. Kamerisolatie wordt weinig of niet toegepast, enkel in afwachting van een testuitslag bij verdachte symptomen en ook dit is meestal beperkt tot maximaal één dag. Allicht misten ze binnen hun bubbel ook hun familie en hun vertrouwde regelmatige bezoekers, maar ze vonden troost en aanspraak bij elkaar, bij de vaste groep van medewerkers.

We moeten opletten dat we de woonzorgcentra vandaag niet verketteren, net zoals we kinderopvang niet mogen verketteren of voorzieningen voor personen met een beperking. Vroeger werd iedereen thuis opgevangen. Maar was het toen altijd beter? Onze samenleving is nu eenmaal erg gewijzigd en we moeten vaak oplossingen zoeken buiten de gezinscontext. De samenleving heeft hierin mee geïnvesteerd. Ik ben ervan overtuigd dat vele zorgvragers in deze oplossingen een stukje hemel of toch zeker af en toe hemelse momenten beleven.

Waar de samenleving minder voor gezorgd heeft is een differentiatie van het aanbod in ouderenzorg. Ouderenzorg is ook de enige zorgvorm waar de bewoner dergelijk groot aandeel in de zorg zelf moet betalen. Ouderenzorg is de enige zorgvorm waar de zorg zo gecommercialiseerd is. Waar sommige kaders zo onduidelijk zijn voor de zorgvragers. Ouderenzorg is de zorgvorm met de laagste personeelsnorm die nog dateert uit een periode dat bewoners vitaal en gezond naar het rusthuis vertrokken.

Het woonzorgcentrum van vandaag kan voor bewoners de beste oplossing zijn in zijn/haar situatie. Een oplossing die zorgt voor een mooie oude dag waarbij de waardigheid en de integriteit van de bewoner ten volle gerespecteerd wordt. Wat we niet mogen doen is alle woonzorgcentra over dezelfde kam scheren. Naast de negatieve beelden die zo vaak aandacht krijgen is het goed om ook de positieve verhalen naar buiten te brengen van woonzorgcentra die samen met familie en bewoners werken aan een fijne woon- en leefomgeving die echter nooit hetzelfde zal zijn als vroeger thuis… Immers, thuis blijven is niet altijd zaligmakend als je zorgafhankelijk bent. Dan is het vaak ook uitkijken naar het korte zorgmoment om even wat inspraak te hebben.

Kinderen mogen geen schuldgevoelens krijgen aangemeten als ouders verhuizen naar een woonzorgcentrum, ouders ook niet als ze hun kinderen naar de opvang brengen of als de persoon met een beperking naar een voorziening verhuist. Het is fijn als oplossingen binnen de gezinscontext kunnen gevonden worden waar iedereen zich goed bij voelt. Het is fijn dat we als samenleving oplossingen creëren als dit binnen gezinscontext niet kan. Als samenleving hebben we dan wel de verantwoordelijkheid om die zorg kwaliteitsvol en betaalbaar te organiseren en daar ook op toe te zien.


Gerelateerde berichten

Woonzorgcentrum Floordam zet in op relatiegerichte zorg

Samen nadenken over zorg

Intergenerationeel werken in het woonzorgcentrum

Hoe meer leven, hoe meer vreugde.

Hoe het medicatiegebruik in het woonzorgcentrum optimaliseren?

Prof. Veerle Foulon over de Come-on studie