mario de prijcker

11 februari 2018

CGG BUNDELEN DE KRACHTEN

GEMEENSCHAPPELIJK CLIËNTPORTAAL OPENT NIEUWE MOGELIJKHEDEN VOOR CLIËNT EN HULPVERLENER

De 20 Centra Geestelijke Gezondheidszorg in Vlaanderen hebben gezamenlijk een nieuw Elektronisch Patiëntendossier (EPD) ontwikkeld. Dat wordt in 2018 geïmplementeerd, samen met het cliëntportaal (CP). Dat portaal laat beveiligde communicatie toe tussen cliënt en hulpverlener, het geeft de cliënt toegang tot zijn EPD en het zet de eerste stappen naar online hulpverlening. CGG Vagga in Antwerpen is projecthouder van het EPD-CP voor alle CGG; directeur Mario De Prijcker coördineert. Wij klopten even aan voor een stand van zaken.

“Ere wie ere toekomt: het oorspronkelijke idee voor het cliëntportaal is twee jaar geleden ontstaan bij Nico De fauw, toen nog directeur van CGG Passant in Leuven. Het idee was om cliënten de mogelijkheid te geven op een beveiligde manier te communiceren met hun hulpverlener en toegang te verlenen tot bepaalde delen van het cliëntendossier. Tien jaar geleden hadden we met alle CGG in Vlaanderen al een gemeenschappelijk EPD ontwikkeld. We zijn met dezelfde firma in zee gegaan voor het cliëntportaal. We wilden immers een feilloze integratie van het portaal en het EPD. Eerst hebben we het EPD volledig opnieuw geprogrammeerd in een ‘taal’ die meer afgestemd is op de toekomstige ICT-ontwikkelingen. Dat nieuwe EPD wordt  in april 2018, samen met het cliëntportaal, stapsgewijs uitgerold. We mogen echt wel van een doorbraak spreken: dit is heel vernieuwend”, zegt Mario De Prijcker trots.

TAL VAN MOGELIJKHEDEN

“Het cliëntportaal omvat twee grote luiken. Enerzijds verleent het de cliënt een extra toegang tot de hulpverlener. Nu stuurt een cliënt nog vaak een mail naar een hulpverlener, maar dat gebeurt onbeveiligd en is eigenlijk in strijd met de privacywetgeving. Anderzijds kunnen nieuwe cliënten zich ook via het portaal aanmelden. Elk CGG plaatst op zijn website een link voor aanmeldingen, die meteen gekoppeld is aan het EPD via het cliëntportaal. Elke cliënt krijgt een account om in te loggen op ‘Mijn CGG’. Hieraan zijn diverse functionaliteiten verbonden. Cliënten kunnen er bijvoorbeeld een afspraak maken, maar ze kunnen ook bepaalde dossiergegevens aanvullen. Als de cliënt thuis bijvoorbeeld een verslagje maakt na een consult, kan hij dat via het portaal aan zijn EPD toevoegen. Of als bepaalde administratieve gegevens moeten worden aangepast, kan de cliënt dat ook zelf van thuis uit doen.”

“Heel interessant is ook de berichtenfunctie, een soort van beveiligd mailsysteem. Het bericht komt bovendien ook automatisch in het EPD van de cliënt terecht. De hulpverlener krijgt een signaal en kan desgewenst ook een antwoord versturen. Dat is erg handig als tussentijds contact tussen twee consultaties door. Ook het dagboek is een meerwaarde. De cliënt kan op vraag van de hulpverlener over bepaalde zaken een dagboek bijhouden. Dat gebeurt nu al, maar dan brengt de cliënt zijn notities op papier mee naar een volgende consultatie. Dankzij het cliëntportaal kan de hulpverlener in realtime de dagboek­notities van de cliënt opvolgen. Niet alleen blijft hij dan voortdurend op de hoogte van de vorderingen van de cliënt, hij komt ook goed voorbereid op de consultatie.”

BLENDED HULPVERLENING

“Een bijkomende troef is dat we aan het cliëntportaal ook andere applicaties kunnen koppelen”, vertelt Mario De Prijcker. “Zo hebben twee CGG samen Depressiehulp.be ontwikkeld, een zelfhulp-app met diverse modules die ook interessant kunnen zijn voor cliënten van een CGG. Een hulpverlener kan zijn cliënt vragen om bepaalde modules te doorlopen en kan via het cliëntportaal, alweer beveiligd en in realtime, het verloop opvolgen.

Op termijn kunnen ook nog andere apps aan het cliëntportaal gekoppeld worden. Dat zal geleidelijk aan gebeuren. Er beweegt heel wat en het zal erop aankomen de meest relevante apps te vinden die kunnen worden gebruikt in de hulpverleningscontext binnen het CGG. Sommige apps hebben een uitgesproken commercieel oogmerk – ik denk niet dat we hiermee aan de slag moeten gaan. Andere zijn net bedoeld om anonimiteit te verzekeren – denk aan Alcoholhulp.be en Cannabishulp.be; die kunnen we uiter­aard ook niet aan een EPD koppelen.”

“Toch introduceren we op die manier met alle CGG de online hulpverlening. We kiezen, zeker in een eerste fase, voor ‘blended hulpverlening’: een combinatie van face-to-facecontacten en online hulpverlening. Dat kan een grote impact hebben op de organisatie van de hulpverlening. Maar we zijn er klaar voor. De ene hulpverlener is heel enthousiast om hiermee aan de slag te gaan, terwijl de andere nog wat tijd nodig zal hebben om te wennen. We gaan hiervoor ook de nodige opleiding en coaching organiseren. Ook met de cliënten zullen we duidelijke afspraken moeten maken. Het kan niet de bedoeling zijn dat elke cliënt op elk moment van de dag meteen een antwoord verwacht als hij een vraag stuurt via het portaal. Maar als we hierover goed communiceren, kan dat geen probleem zijn.”

EPD OPENSTELLEN?

“Welke delen van het EPD worden opengesteld voor de cliënt, kan elk CGG autonoom beslissen”, zegt De Prijcker. “Ook dat zal ongetwijfeld stapsgewijs verlopen. Er heerst nog altijd een groot taboe op geestelijke gezondheidszorg en dat maakt ook hulpverleners terughoudend om zomaar inzage te geven in het volledige dossier. Maar het is een evolutie waar we samen door moeten gaan.”

“Dat we met alle CGG in Vlaanderen tot dit gemeenschappelijk EPD en cliënt­portaal gekomen zijn, mag je gerust als een statement beschouwen. We komen als sector met één visie naar buiten. Alle centra staan hierachter. Die samenwerking is uniek en zie je in geen enkele andere sector. 2018 wordt dan ook een belangrijk jaar voor ons. We kijken ernaar uit!”

 

TEKST: FILIP DECRUYNAERE