RODE KRUISVRIJWILLIGERS DELEN HUN ERVARINGEN OVER MEEHELPEN IN WOONZORGCENTRA

“ONDANKS DE GROTE DRUKTE BLIJFT DE SFEER IN HET WOONZORGCENTRUM AANGENAAM" 

24 april 2020

De coronacrisis plaatst de zorgsector voor ongeziene uitdagingen. Niet in het minst de woonzorgcentra krijgen het hard te verduren. Maar, ze staan er niet alleen voor. Tal van vrijwilligers meldden zich de voorbije weken aan om waar nodig bij te springen. Vanuit het Rode Kruis bijvoorbeeld staan meer dan 11.000 vrijwilligers klaar om hun steentje bij te dragen en de werkdruk te verlichten. 6.112 daarvan zijn ‘crisisvrijwilligers’. Zij boden zich specifiek aan om hulp te bieden in deze crisisperiode. Zorgwijzer sprak met twee vrijwilligers: Xenia Rubleva en Anke Lievens. Beide steken bereidwillig een handje toe in WZC Mayerhof in Mortsel.

 

Van waar jullie engagement om als vrijwilliger de woonzorgcentra te ondersteunen?

Xenia: Ik speelde al enige tijd met het idee om vrijwilligerswerk te doen. Maar in het ‘normale leven’ word ik steeds geconfronteerd met een overvolle agenda: het werk, sportactiviteiten, de opvang van mijn kleinkind, … Door de coronacrisis is mijn agenda plots een pak minder gevuld. Die vrijgekomen tijd wil ik nuttig invullen. Toen ik op een artikel botste waarin stond dat het Rode Kruis op zoek was naar vrijwilligers om het personeel in de woonzorgcentra bij te staan, heb ik niet getwijfeld. Ik registreerde me op hun website en de bal ging aan het rollen. Mijn eerste opdracht was in een woonzorgcentrum in Brecht, daarna was ik ook nog actief in WZC Compostela in Borsbeek, nu sta ik in WZC Mayerhof in Mortsel, vlakbij huis.

Anke: Intussen ben ik al 20 jaar vrijwilliger bij de hulpdienst van de afdeling Hove-Lint. Als ‘Eventhulpverlener+’ kan ik op behoorlijk wat ervaring bogen om goed om te gaan met hygiëne, het correct gebruik van persoonlijke beschermingsmaterialen, tiltechnieken, enzovoort. Naast de momenten waarop ik van thuis uit bezig ben met werken voor school – ik ben leerkracht in het buitengewoon onderwijs – wil ik gerust een drietal avonden per week de tijd maken om de handen uit de mouwen te steken in het woonzorgcentrum.

“De medewerkers in het woonzorgcentrum ontvangen ons met open armen. Ze zien ons heel graag komen. Er is geen sprake van bevelen of hiërarchie. Er gaat geen dag voorbij zonder dat iemand me zegt dat het werk dat ik doe enorm geapprecieerd wordt.” – Anke Lievens

Waarbij kunnen jullie het woonzorgpersoneel ondersteunen?

Anke: In WZC Mayerhof zoeken ze vooral vrijwilligers die kunnen helpen tijdens de eetmomenten. Dat betekent dat we eigenlijk maar een tweetal uur werk hebben. Er wordt tijdens het eten wel een opdeling gemaakt tussen wie wel en wie niet besmet is. Bij wie corona is vastgesteld, wordt het eten op de kamer gebracht; wie coronavrij is, kan nog steeds eten in de gezamenlijke zaal.

Anke Lievens

 

Xenia: Je merkt wel dat men overal heel erg strikt de maatregelen opvolgt. Iedereen doet zijn uiterste best om een outbreak van corona te voorkomen. Samen met het Rode Kruis heb ik ook bekeken of het wel verstandig was om in meerdere woonzorgcentra tegelijk bezig te zijn. Zeker omdat ik reeds aan de slag was in WZC Compostela waar op een gegeven moment alle bewoners van een afdeling met het coronavirus besmet raakte. Uiteindelijk zijn we tot de conclusie gekomen om toch zoveel mogelijk aan één voorziening vast te houden.

 

Welke maatregelen worden er genomen om jullie te beschermen?

Xenia: Van begin tot einde verloopt alles heel nauwgezet. We schrijven ons in bij aankomst, ze meten onze lichaamstemperatuur, vervolgens wassen we onze handen met alcoholgel en krijgen we mondmaskers, handschoenen en een schort. Uiteraard zijn we even beschermd als het vaste personeel.

Anke: Klopt, ik moet bekennen dat ik veel mensen waarmee ik nu ongeveer drie keer per week samenwerk op straat niet zou herkennen. Iedereen is zodanig ingepakt dat enkel de ogen zichtbaar zijn.

“Alles verloopt heel nauwgezet. We schrijven ons in bij aankomst in het woonzorgcentrum, ze meten onze lichaamstemperatuur, vervolgens wassen we onze handen met alcoholgel en krijgen we mondmaskers, handschoenen en een schort. We zijn op dezelfde manier beschermd als het vaste personeel.” – Xenia Rubleva

Hebben jullie angst om zelf besmet te geraken?

Anke: Bij mij is er zeker geen permanente schrik aanwezig. Mijn broer werkt in het ziekenhuis in Lier en heeft me tips gegeven om me maximaal te beschermen en uitgelegd wat de procedures in het ziekenhuis zijn als iemand bijvoorbeeld op je heeft gehoest. Je kan echter niet voorbij aan de realiteit dat ziekenhuizen beter voorzien zijn op vlak van beschermingsmateriaal dan woonzorgcentra.

Xenia: In een woonzorgcentrum heb ik helemaal geen schrik. Ik loop nog steeds buiten rond, gebruik de deelfietsen in het stad … volgens mij loop ik zo een grotere kans om met corona besmet te geraken dan door mee te werken in een woonzorgcentrum. Ik voel mij daar momenteel heel veilig.

Xenia Rubleva

 

Hoe is de sfeer nu in de woonzorgcentra?

Xenia: De sfeer is in de gegeven omstandigheden nog steeds goed. Zowel bij het personeel als bij de bewoners.

Anke: Klopt, de medewerkers in het woonzorgcentrum ontvangen ons met open armen. Ze zien ons heel graag komen. Er is geen sprake van bevelen of hiërarchie. Er gaat haast geen dag voorbij zonder dat iemand me zegt dat het werk dat ik doe enorm geapprecieerd wordt.

Xenia: En voor de bewoners zien we dat alles in het werk wordt gesteld om het contact met de familie in stand te houden. De berichten over woonzorgcentra die nu zelfs stellingen plaatsen rond het gebouw om bezoek vanop afstand te laten plaatsvinden: hartverwarmend.

Rode Kruis: “vrijwilligers kunnen onmiddellijk aan de slag wanneer nodig”

Het Rode Kruis wil ook in deze coronatijden zijn maatschappelijke rol opnemen. Dat benadrukt Ine Tassignon, woordvoerder van Rode Kruis-Vlaanderen: “Onze vrijwilligers zorgen ervoor dat de druk op het personeel in woonzorgcentra, die in deze tijden nog zwaarder is dan normaal, wordt verlicht. De vrijwilligers kunnen worden opgedeeld in twee groepen. Enerzijds zijn er de hulpdienstvrijwilligers, zij kunnen een deel van de zorgtaken opnemen. Anderzijds heb je de crisisvrijwilligers. Zij hebben geen specifieke zorgkennis, maar kunnen logistiek van grote waarde zijn. Zoals ook Xenia en Anke aantonen. De crisisvrijwilligers voeren vooral logistieke taken uit. Denk aan bedden opmaken; koffie, thee en maaltijden uitdelen; kranten bedelen …”

“Na het opvangen van de eerste dringende nood aan mankracht kunnen we, als dat nodig is, op vraag van de woonzorgcentra gedurende een langere periode hulp bieden.” – Ine Tassignon, woordvoerder Rode Kruis Vlaanderen

Rode Kruis-Vlaanderen moedigt woonzorgcentra aan gebruik te maken van dit aanbod aan vrijwilligers. “Wanneer er een acuut personeelstekort is in een woonzorgcentrum doordat bijvoorbeeld een deel van de medewerkers met het coronavirus besmet geraakt zijn, kunnen de Rode Kruisvrijwilligers onmiddellijk aan de slag”, zegt Ine Tassignon. “Na het opvangen van de eerste dringende nood aan mankracht kunnen we, als dat nodig is, op vraag van de woonzorgcentra gedurende een langere periode hulp bieden.”

 

TEKST: JENS DE WULF