11 maart 2018

DUIDELIJK SIGNAAL

De vorming van ziekenhuisnetwerken schakelt een versnelling hoger. Met een gezamenlijke brief riepen federaal minister De Block en Vlaams minister Vandeurzen de Vlaamse ziekenhuizen op om tegen half februari hun plannen bekend te maken. Veel ziekenhuizen hebben dan ook niet gewacht op de brief van beide ministers en werken in de praktijk al maanden of zelfs jaren samen in een netwerk. Het overgrote deel van de ziekenhuizen in Vlaanderen maakt ondertussen al effectief deel uit van een netwerk. In maart krijgen de netwerken feedback van de overheid op hun voornemens en zal de overheid samen met de ziekenhuizen die nog niets beslist hebben, de mogelijkheden onderzoeken. Daarna kan de kaart definitief getekend worden.

Een volgende stap wordt het afstemmen van de ziekenhuiswerken op de eerstelijnszones. Ook die krijgen rond deze tijd vorm. De samenwerking die al jaren voorbereid wordt tussen ziekenhuizen onderling en tussen ziekenhuizen en de eerste lijn, krijgt hiermee een structurele verankering. De voordelen hiervan zijn legio, in de eerste plaats voor de patiënt. Met de verschuiving van de klemtoon van acute naar chronische zorg is samenwerking in netwerken de enige juiste keuze voor meer afstemming en continuïteit.

Even belangrijk is dat de vorming van ziekenhuisnetwerken de continuïteit, de kwaliteit, de toegankelijkheid en de
financiële houdbaarheid van ons gezondheidssysteem versterkt. Tenminste als hiervoor het juiste kader gecreëerd wordt: een kader dat de ziekenhuizen financieel en juridisch de nodige garanties geeft om een langetermijnbeleid uit te stippelen. Een beleid dat samenwerking op het terrein bevordert en beloont, en dat alle, bestaande obstakels voor samenwerking uit de weg ruimt. Een beleid, ten slotte, dat meer stuurt op kwaliteit en de uitwassen van de prestatiegeneeskunde aan banden legt. Zowel federaal als Vlaams is er nog werk aan de winkel.

Zonder financieel en juridisch kader tasten de ziekenhuizen in het duister over hun toekomst. Zonder de juiste incentives veranker je geen duurzame, gewenste verandering. Het getalm hierover zet een domper op het enthousiasme voor verandering. Niemand wil zich blind aan avonturen wagen. Dat de ziekenhuizen ondanks het ontbreken van een duidelijk perspectief toch de stap zetten om zich in netwerken te engageren, toont de grote wil en de overtuiging bij zowat alle spelers dat verandering noodzakelijk is. De overheid mag de ziekenhuizen en de netwerken evenwel niet langer in het ongewisse laten. Dat zou niet alleen onverantwoord zijn, het zou ook een rem zetten op de verdere ontwikkeling van de netwerken. De ziekenhuizen verwachten van de overheden een duidelijk signaal.

De transitie die is ingezet zal overigens sowieso nog enkele jaren in beslag nemen. Het gaat om een hervorming zonder voorgaande. De vragen en de noden van de patiënten zijn bij die ontwikkeling richtinggevend. Daarnaast zullen de ziekenhuizen op een correcte en zorgvuldige manier de transitie voor het personeel en de artsen in goede banen leiden. De mede­werkers hoeven zich in elk geval geen zorgen te maken over hun werk­zekerheid. De zorgsector kan de komende jaren elk talent gebruiken. Er is werk genoeg voor iedereen.

Margot Cloet
Gedelegeerd bestuurder

margot cloet