DAGELIJKS VERANTWOORDELIJKE IN WZC SINT-MARGARETHA IN HOLSBEEK, JOKE TIMMERMANS 

"Ouderenzorg ligt me zo nauw aan het hart"

Mei 2021

“In april 2000 wandelde ik als jonge snotneus wzc Sint-Margaretha binnen. Onverwacht. Een job in de ouderenzorg was geen droom. Ik studeerde af als sociaal verpleegkundige en wou aan de slag in een sociale dienst. Mijn zoektocht verliep niet vlot. Ik had geen zin om lang werkloos te blijven en solliciteerde voor verpleegkundige in dit woonzorgcentrum. ‘Het is dichtbij huis, ik zie wel wat de toekomst brengt’, dacht ik toen. Maar ik ben nooit weggegaan.”

“Ondertussen ben ik hoofd bewonerszorg. Ook niet gepland. Tijdens mijn parcours kwamen er enkele kansen op mij af en dan moet je durven springen. Ik startte eerst als verpleegkundige, een grote troef voor mijn huidige job trouwens. Ik weet hoe het voelt om in een team van zorg- en verpleegkundigen te functioneren, om in een variabel uurrooster te worden ingeschakeld, om in het weekend te werken, om afhankelijk te zijn van huisartsen en artsen van wacht…” 

“Ons woonzorgcentrum maakt deel uit van de vzw Zorggroep Zusters van Berlaar. Lange tijd beheerden de zusters de inschrijvingen. Op een gegeven moment vroegen ze mij om de sociale dienst op te starten. Al bleef ik deels in de zorg staan, ook dat was een meerwaarde. Ik maakte kennis met kandidaat-bewoners als ze een plaats zochten en nadien kwam ik met hen in contact vanuit mijn zorgrol als ze hier ook effectief woonden. Dat schept een band met hen en hun familie.”

“Toen in ons woonzorgcentrum een nieuwe directeur werd aangesteld, stimuleerde zij mij om een banaba Zorgmanagement te studeren. In 2010 werd ik zorgcoördinator, wat ik combineerde met de sociale dienst. Even later werd ik voltijds hoofd bewonerszorg, oftewel de dagelijks verantwoordelijke. De vzw bestaat uit acht woonzorgcentra met vier directies die elk verantwoordelijk zijn voor twee campussen, en elke campus telt zo’n dagelijks verantwoordelijke.”

“Sinds dit academiejaar volg ik de opleiding Master in de Verpleeg- en Vroedkunde. Opnieuw een kans, met dank aan de directie. Ik had nooit gedacht dat ik op mijn 44ste terug op de – virtuele – schoolbanken zou zitten. Ik kan de inhoud van de lessen aan de praktijk koppelen. Vaak voel je wat juist is in het verlenen van zorg, en nu krijg je daarvoor theoretische kaders aangereikt. Je kan verbanden leggen. In het vak leiderschap bijvoorbeeld leren we over de verschillende type leiders. Nu herken ik die theorieën in de geschiedenis van onze eigen organisatie. Waarom reageerden mensen toen zus of zo? Waarom neem je bepaalde beslissingen? Hoe breng je verandering teweeg? Welk proces ondergaat je team? Waarom ontstaat weerstand en hoe ga je daarmee om? De opleiding is een echte verrijking.”

Brugfunctie

“Als hoofd bewonerszorg vorm ik de brug tussen de directie en de andere leidinggevenden. Ik hanteer een opendeurpolitiek. Een dag begint met het zeggen van goeiedag, zo luidt onze visie, daarom blijf ik zelf ook niet de hele tijd achter mijn bureau zitten. Ik loop rond en praat met iedereen.” 

“Ik volg onder andere het personeelsbeleid en de aanwervingen op. Mijn grootste rol is die van teamcoach. Waar lopen mensen tegenaan? Wat hebben ze nodig? Mijn job administratief noemen, vind ik te beperkend, maar het vraagt veel denkwerk. Ik kijk kritisch naar hoe we de zaken kunnen aanpakken en verbeteren. Daarbij geloof ik in het samen nadenken en zoeken naar een oplossing, alleen zo creëer je een groot draagvlak. Verder volg ik projecten op. Het voordeel van onze vzw is dat we veel samen kunnen ontwikkelen. Doorheen de jaren heb ik mijn tanden kunnen zetten in enkele mooie verwezenlijkingen. Het uurroosterpakket bijvoorbeeld, waardoor de planning van alle collega’s – van zorg tot logistiek – correct wordt opgesteld. Of het woonzorgleefplan, dat van papier naar pc werd omgevormd. Binnenkort start de bouw van ons buurtzorghuis. Buurtzorg is een van de belangrijkste uitdagingen voor onze sector. Hoe laten we het klassieke beeld van dat gesloten woonzorgcentrum los? Hoe kijken we over het muurtje? En hoe betrekken we de buurt? In ons buurtzorg-
huis komen alle diensten fysiek samen: het dagverzorgingscentrum, het Lokaal Dienstencentrum, het buurtrestaurant, de recent opgestarte thuisverpleging, een ontmoetingsruimte, oriënterend kortverblijf… Heel boeiend om dat mee vorm te geven. Ook het project mondzorg staat in de startblokken. Verder heb ik een coördinerende rol: ik zorg ervoor dat de zorginhoudelijke taken kunnen draaien, dat een MDO kan doorgaan, regel intern overleg… En ik sta ook weleens mee kasten uit te wassen of een kelder op te ruimen. Ook dat hoort er soms gewoon bij.”

“Ik heb geleerd dat ik niet alles tot in het detail kan weten, maar dat ik het overzicht moet bewaren.”

Helikopterview

“Ik heb geleerd dat ik niet alles tot in het detail kan weten, maar dat ik het overzicht moet bewaren. Ik bewaar een soort helikopterview tussen ons woonzorgcentrum, de vzw en de overheid. Net door die afwisseling en de brede invulling verveelt mijn job niet. Er bestaat geen checklist voor onze functie. Praat met een ander hoofd bewonerszorg, en je krijgt een ander verhaal. Het hangt af van de grootte van de organisatie, de cultuur, de persoonlijke invulling… Sommigen zullen bijvoorbeeld meer focussen op het medische en klinische aspect. Je hebt vooral een open blik nodig, mensenkennis, skills voor people management…” 

“Ouderenzorg ligt me zo nauw aan het hart. Ik ben enorm fier op wat ik doe. Jammer dat onze sector met zo’n oubollig imago kampt, we zijn net in volle ontwikkeling en staan voor grote uitdagingen. Maar we zijn een sector die zich niet goed durft tonen. Ik kijk ernaar uit om mijn stempel te drukken. Binnenkort starten we met BelRAI. Een van onze gebouwen is 30 jaar oud, hoe gaan we in de toekomst bouwen, welke zorgvormen zullen we aanbieden…?” 

“Doorheen de jaren zag ik het profiel van onze bewoners en hun mantelzorgers veranderen. Van stil naar mondig. Problemen worden vaker gemeld, en we gaan veel meer in dialoog. Ook de zorg zelf wordt meer complex. Vroeger had een bewoner bijvoorbeeld enkel Parkinson, nu zijn er meer mengvormen die dan weer ander gedrag met zich meebrengen. Niet evident voor mijn collega’s. Daarom zoeken we continu naar hoe we kwaliteitsvolle zorg kunnen (blijven) leveren. Literatuur en onszelf blijven ontwikkelen zijn belangrijk. Daarom hamer ik op het belang van multidisciplinair overleg.”

Monitoren

“De impact van Covid was groot. In het begin overheerste de angst. We zagen de beelden uit Italië en konden de draagwijdte niet inschatten. Dankzij onze vzw-structuur hoefden we niet alles alleen uit te zoeken, we konden ervaringen delen en hadden voldoende beschermingsmateriaal. Mentaal was het zwaar, het spookt 24 uur op 24 en 7 dagen op 7 in je hoofd. Gelukkig bleven we gespaard van uitbraken. Soms voel ik me daar schuldig over, anderen hebben zo afgezien. Ik ben vooral bezig met de registratie van cijfers, het opvolgen van de stortvloed aan nieuwe regels en hoe die om te zetten in de praktijk. Net als procedures, handhygiëne en testbeleid. Ook medewerkers opvangen, hen blijven enthousiasmeren, ondersteunen… want ook zij kampen met moeilijkheden zoals uitgestelde zorg, kinderen die plots niet meer naar de kinderopvang kunnen door een uitbraak… We botsten intern ook op pijnpunten, en nu overheerst vooral de moeheid. Al bewaar ik ook mooie herinneringen zoals de creativiteit en het gevoel van samenhorigheid. We probeerden onze bewoners en onszelf lichtpuntjes te bezorgen. Het is ongelofelijk wat iedereen heeft gepresteerd.” 

Blij hart

“Na 21 jaar ben ik nog steeds laaiend enthousiast. Soms verbaast het me, hoe de liefde voor deze sector blijft groeien. De negatieve beeldvorming, zeker van de afgelopen periode, raakt me diep. Ik laat het daar niet bij. Ik wil tonen wat we goed doen, hoe professioneel we voor onze ouderen zorgen. We doen meer dan de was en de plas, en maken wel degelijk het verschil. Regelmatig krijgen we stagiairs over de vloer: niet alleen verpleeg- of zorgkundigen, maar bijvoorbeeld ook kinesitherapeuten. Vaak is een woonzorgcentrum niet hun eerste keuze. Ik probeer hun beeld over ouderen positief bij te stellen. Als ze dan ‘ik wist niet dat het zo fijn was om hier te werken’ zeggen, wordt mijn hart blij.” 

 

TEKST: MIEKE VASSEUR • BEELD: JAN LOCUS