VLAAMS INSTITUUT GEZOND LEVEN

TIJD OM IN TE ZETTEN OP EEN SAMENHANGEND EN PREVENTIEF GEZONDHEIDSBELEID

“Er is vooral geen vermanend vingertje nodig om mensen aan te zetten tot gezond leven. We helpen niemand vooruit door simpelweg te stellen: ‘je moet gezonder eten’ of ‘je moet stoppen met roken’. Je moet mensen tonen hoe ze dat kunnen doen”. Aan het woord is Linda De Boeck, directeur van het Vlaams Instituut Gezond Leven. “Zorginstellingen spelen een grote rol in die bewustwording.”

Waar staat het Vlaams Instituut Gezond Leven voor?
“Vlaams Instituut Gezond Leven wil mensen op een toegankelijke manier helpen om gezond te leven in een gezonde omgeving. Met onderbouwd advies, concrete tips en kant-en-klare projecten. Wij zijn een onafhankelijke vzw, opgericht in 1991. Onze missie loopt parallel met het strategisch plan ‘In 2025 leeft de Vlaming gezonder’, goedgekeurd door het Vlaams Parlement en gecoördineerd door het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid. Mede in uitvoering daarvan sloten we in 2016 beheersovereenkomsten af met de Vlaamse overheid. We zijn partner voor verschillende gezondheidsthema’s zoals voeding, beweging, sedentair gedrag, ondervoeding bij ouderen, tabak, algemene en geestelijke gezondheidsbevordering en algemene ondersteuning van de logo’s (lokaal gezondheidsoverleg, nvdr.). We werken ook rond gezondheid en milieu samen met het Vlaams Instituut voor Technologisch Onderzoek (VITO) en het Provinciaal Instituut voor Hygiëne (PIH). Vroeger waren we bekend onder de naam VIGeZ, het Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie en Ziektepreventie. In 2017 veranderden we onze naam naar Vlaams Instituut Gezond Leven.”

Mensen helpen om gezond te leven, dat is een brede opdracht. Hoe doen jullie dat precies?
”Wij zetten de mogelijkheden op een rijtje om gezonder te leven en geven advies over hoe je een gezonde levensstijl kan toepassen in je dagelijks leven. In het kort: hoe maak je gezond leven makkelijker. Daarvoor werken we samen met scholen, ondernemingen en lokale besturen. We helpen hen een preventief gezondheidsbeleid op te zetten. Maar ook de zorgsector, zowel instellingen als zorgverstrekkers, is een belangrijke partner in ons verhaal. Wij delen dezelfde bekommernis, namelijk de gezondheid van de mens. Het lijkt evident dat er in de zorgsector aandacht is voor preventie, maar dat was niet altijd zo zichtbaar. De focus is de zorg. Langzaam is het besef binnengesijpeld dat zorg en gezondheid bevorderen geen twee verschillende werelden zijn. Zorgprofessionals moeten op beide aspecten inzetten. We moeten niet alleen de zieken genezen, maar ook en vooral de mensen gezond houden. De neuzen stonden lang in verschillende richtingen op dat vlak, maar nu merken we een kentering. 

We werken projecten en kant-en-klare materialen uit, we geven advies op maat en vormingen aan professionals en naar het algemeen publiek verspreiden we informatie. Elke Vlaming moet van onze diensten kunnen gebruikmaken. Daarom richten we ons rechtstreeks naar de burger, maar vooral ook naar de intermediairen zoals Zorgnet-Icuro. Via die intermediairen komen we in contact met een publiek dat we anders niet bereiken. Zo bereiken we ook de mensen in kwetsbare situaties.”

Op welke pijlers moeten de zorginstellingen inzetten om te werken aan dat gezondheidsbeleid?
“Wij willen de handen in elkaar slaan met de zorgprofessionals. Als we werken aan gezondheidsbevordering en ziektepreventie, kunnen we veel instroom in de zorgsector voorkomen. Onze focus is mensen gezond houden. Door samen te werken kunnen we elkaar versterken. Hoe kunnen we het aspect preventie nog beter verweven met de noodzakelijke zorg? Hoe begeleiden we patiënten naar een gezonde levensinstelling? De infrastructuur, het aanbod en de sociale omgeving van zorg- en welzijnsvoorzieningen beïnvloeden de gezondheidstoestand van de patiënten en cliënten die er verblijven. Zo gaan ouderen makkelijker en sneller bewegen als hun woonzorgcentrum een leuke tuin heeft. Als begeleiders in de jeugdhulp een appeltje schillen in de leefgroep, zullen de kinderen en jongeren sneller een stukje komen mee eten. De bedoeling is om van de ‘gezonde keuze’ de gemakkelijkste keuze te maken. Het is tegenstrijdig om als voorziening te pleiten voor gezonde voeding terwijl er in elke gang een automaat met frisdrank, chocoladerepen en chips staat. Een organisatie moet bekijken hoe de patiënten en cliënten de preventieboodschappen aangeboden krijgen en daarin een constante trekken.” 

Hoe kan een organisatie in de zorgsector dat doen?
“We merken dat er al heel veel beweegt in de sector van zorg en welzijn. Er worden workshops georganiseerd rond gezonde voeding of men werkt een langere periode aan mentaal welbevinden. Dat zijn stuk voor stuk waardevolle initiatieven, maar het is belangrijk om van die verschillende, losse activiteiten te evolueren tot een samenhangend preventief gezondheidsbeleid. Alleen zo zullen de acties effectief en blijvend bijdragen aan de gezondheid van je patiënten of cliënten. Een gezondheidsbeleid uitrollen is een proces. Het is geen overbodige luxe om daarbij een houvast te hebben. Wij bieden op www.gezondleven.be tools aan om zelf een sterk beleid op poten te zetten. Zo is er bijvoorbeeld de gezondheidsmatrix. Die gebruik je om de beginsituatie en de sterktes en zwaktes van jouw organisatie rond een gezondheidsthema in kaart te brengen. 

Een kwaliteitsvol gezondheidsbeleid voeren in de voorziening betekent met een mix van acties inzetten op die verschillende strategieën én op de verschillende niveaus. De verschillende strategieën waarmee je gezond gedrag kan stimuleren en waarmee je van de voorziening een gezonde omgeving kan maken zijn educatie, omgevingsinterventies, afspraken en regels, zorg en begeleiding. Tot zover de gezondheidsmatrix. Er is ook het stappenplan. Daarmee doorloop je als voorziening de kwaliteitscirkel van Deming (plan-do-check-act). Het stappenplan is zo ontworpen dat er in om het even welke fase kan worden ingestapt. Waar je precies begint, hangt af van de huidige situatie van je voorziening. Sommige voorzieningen hebben al heel wat acties ondernomen en hebben deels al een beleid. Anderen staan nog in hun kinderschoenen. Sowieso is het wel belangrijk om alle zeven stappen te doorlopen. Dat proces kan een organisatie prima zelfstandig doorlopen, maar wie voelt dat ze het niet redden met enkel die kapstok, kan contact met ons opnemen. Zo voorzien wij, dankzij projectsubsidie van de Vlaamse overheid, specifieke begeleiding voor woonzorgcentra die werk willen maken van preventie rond mondgezondheid, valincidenten, psycho­farmaca of ondervoeding. Zij kunnen beroep doen op een procesbegeleider, die samen met het woonzorgcentrum een beleid op maat uitwerkt.”

Een gezondheidsbeleid gaat heel breed. Wat zijn de specifieke aandachtspunten voor zorgorganisaties?
”Het is belangrijk dat de medewerkers, de mensen die dagelijks aan het bed staan van de patiënten of werken met de cliënten, alle mogelijkheden en materialen hebben om mensen te helpen de gezonde keuze te maken. Het helpt niet om met een vermanend vingertje klaar te staan. Je helpt mensen niet vooruit door simpelweg te stellen: ‘je moet gezonder eten’ of ‘je moet stoppen met roken’. Wat wel helpt, is mensen doorverwijzen en juiste info geven. Dan is er veel winst te halen op het vlak van gezondheid. Mensen moeten stevig bij de hand worden genomen en vooruit geholpen met concrete tips of hen naar juiste ondersteuning toeleiden. 

“De infrastructuur, het aanbod en de sociale omgeving van zorg- en welzijnsvoorzieningen beïnvloeden de gezondheidstoestand van de patiënten en cliënten die er verblijven. Zo gaan ouderen makkelijker en sneller bewegen als hun woonzorg­centrum een leuke tuin heeft.”

Er bestaan al heel wat mooie projecten die een zorginstelling kan implementeren. Ik denk aan de Kwispelstappers, een project waarbij een groep vrijwilligers en hun hond samen met ouderen op stap gaan in hun eigen buurt. Een aangename bezigheid met alleen maar voordelen: meer beweging, andere ouderen ontmoeten én contact met dieren. Dat project is heel laagdrempelig en daarom perfect om kwetsbare ouderen terug in beweging te krijgen. Het is volledig uitgewerkt en op maat gemaakt voor lokale dienstencentra, woonzorgcentra, buurthuizen en andere organisaties. Of het project Bewegen op verwijzing, waar een huisarts mensen die meer willen bewegen doorverwijst naar een bewegen op verwijzing-coach. Die coach stelt een beweegplan op, aangepast aan de situatie van de persoon in kwestie. Zo helpen we mensen op weg en motiveren we hen om meer te bewegen. Er zijn tal van projecten en methodieken om aan de slag te gaan rond gezondheid. Zo kunnen de zorgorganisaties groeien van specialisten in de zorg, naar specialisten in gezond leven.” 

 

TEKST: KIM MARLIER • BEELD: SOPHIE NUYTTEN