TRANSPLANTCOÖRDINATOR IN HET UZA

GERDA VAN BEEUMEN

“Dit is ze. In deze doos versturen of krijgen we de organen,” vertelt Gerda Van Beeumen terwijl ze een eenvoudige piepschuimen doos op haar bureau zet. “Ze weegt niet veel, kan hergebruikt worden, de portkosten zijn laag, ze doet wat ze moet doen. Hart en longen worden opgehaald door het transplantatieteam, maar lever, nieren en andere organen zitten in deze doos. Wat nog? De geijkte formulieren, de bloedstalen, een rapport met gegevens over de anatomie. Op de doos komt een papier met de afzender. Al die gegevens moeten correct zijn.” 

METEEN IN HET OPERATIE­KWARTIER GEDROPT

Gerda Van Beeumen werkt bijna 30 jaar als transplantcoördinator in het Universitair Ziekenhuis Antwerpen (UZA). Ze studeerde af als licentiaat in de criminologie en ziekenhuiswetenschappen. “Ik startte mijn carrière in de gezondheidssector als staflid in een zorgvoorziening. Na een tweetal jaar veranderde ik van job en begon ik bij UZA te werken als transplantcoördinator. Ik wist niet goed wat te verwachten van mijn nieuwe job. Het was dan ook schrikken toen bleek dat ik mee in het operatiekwartier moest. De eerste keer stond ik half tussen de deur en de operatietafel zodat ik op tijd naar buiten kon lopen als het nodig bleek. Wist je trouwens dat ik de enige transplantcoördinator in België ben die geen verpleegkundige opleiding heeft? Ik was hier al 15 jaar aan de slag toen de wet in voege kwam die bepaalt dat je voor de functie van transplantcoördinator een diploma nodig hebt dat valt onder KB 78. In 1990, toen ik begon, bestond daarover geen regelgeving.”

“Mijn takenpakket bestaat uit twee grote delen. Aan de ene kant regel ik alles voor de ontvanger. Ik houd de wacht­lijsten bij, ik doe alle administratie, intake, bereikbaarheid van de patiënt en regel alles voor de toewijzing van de organen. Aan de andere kant regel ik alles voor de donor. Ik krijg een oproep wanneer er een overlijden is, ik check de gegevens en geef ze door aan Eurotransplant. Dat is het Europese samenwerkingsverband voor orgaandonoren: daar gebeurt de matching. De planning van de operaties neem ik ook op mij, net als het transport van buitenlandse teams zodat zij hier geraken.” 

STEEDS PARAAT

“Welke vaardigheden iemand moet hebben als transplantcoördinator? Je moet goed georganiseerd kunnen werken, want je moet veel zaken tegelijk regelen. Empathie en communicatie zijn ook belangrijk: ik breng veel tijd door aan de telefoon. Onder andere door te bellen met de familie van de donor. Dat kan best zwaar zijn. Organen komen ook niet altijd beschikbaar tijdens de kantooruren. Je moet dus je arbeids- en levensritme aanpassen en quasi altijd bereikbaar zijn. Het is een vorm van constante paraatheid. De eerste rinkel van de gsm hoor ik onmiddellijk.”

Er is doorheen de jaren een en ander veranderd, ja. De groep mensen die in aanmerking komt voor een orgaan is groter geworden. Mensen willen langer goed leven. Medisch weten we natuurlijk ook meer, de chirurgische technieken zijn erop vooruitgegaan.

“Er is doorheen de jaren een en ander veranderd, ja. Oorspronkelijk zijn we in het UZA enkel met niertransplantaties gestart, nu doen we ook transplantaties van hart, lever, long en pancreas. Het gamma is uitgebreid. Ook de gemiddelde leeftijd van de patiënten stijgt. Vroeger was een transplantatie bij iemand van 60+ iets waarover we nadachten. Nu denken we daar over na als iemand 75+ is. De groep die in aanmerking komt voor een orgaan is groter geworden. Mensen willen langer goed leven. Medisch weten we natuurlijk ook meer, de chirurgische technieken zijn erop vooruitgegaan,” besluit Gerda Van Beeumen.